Cluster 4 indicatie

Om in aanmerking te komen voor een cluster 4 indicatie moet een kind last ervaren van een gedragsstoornis of psychische problematiek. Binnen de regelgeving onderscheiden we twee soorten stoornissen: stabiele en niet-stabiele stoornissen. Een niet stabiele stoornis is bijvoorbeeld ADHD. Als een kind gediagnostiseerd is met ADHD is deze diagnose twee jaar geldig voor een cluster 4 indicatie. Na deze twee jaar moet het kind opnieuw onderzocht worden om de indicatie te behouden.

Dit termijn verschilt niet met stabiele stoornissen zoals autisme. Ook deze diagnoses kennen een geldigheidsperiode van twee jaar. Kinderen met een stabiele stoornis kunnen een verklaring genaamd ‘Evident stabiel kindkenmerk’ (VESK) gebruiken voor hun cluster 4 indicatie. Dit formulier kunt u zelf printen en overhandigen aan een meewerkend arts of specialist.

Wie mag een stoornis bevestigen?

Stoornissen mogen worden gediagnosticeerd of worden herbevestigd door de volgende specialisten:

  • Psychiaters (gespecialiseerd in kinderen en/of jongeren)
  • GZ-psycholoog
  • Klinisch psycholoog die BIG geregistreerd is
  • Kinder- of jeugdpsycholoog die NIP geregistreerd is
  • Orthopedagoog- generalist

Erkende niet-stabiele stoornissen binnen cluster 4

Angststoornissen:

  • Agorafobie
  • Sociale fobie
  • Overige specifieke fobie
  • Obsessieve compulsieve stoornis
  • Posttraumatische stressstoornis (PTSS)
  • Acute stressstoornis
  • Gegeneraliseerde angststoornis
  • Paniekstoornis

Ticstoornissen:

  • Gilles de la Tourette

Gedragsstoornissen of stoornissen die ontstaan uit een tekort aan aandacht:

  • ADHD en ADD
  • Conduct Disorder
  • Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis

Depressieve stoornissen:

  • Dysthyme stoornis
  • Depressieve stoornis

Eetstoornissen:

  • Anorexia nervosa
  • Boulimia nervosa

Stoornissen in de adolescentie, kinderleeftijd of zuigelingenleeftijd:

  • Seperatieve angststoornis
  • Reactieve hechtingsstoornis
  • Selectief mutisme

Somatoforme stoornissen:

  • Somatisatie stoornis

Persoonlijkheids stoornissen:

  • Antisociale persoonlijkheidsstoornis
  • Borderline persoonlijkheidsstoornis
  • Paranoïde persoonlijkheidsstoornis
  • Schizoïde persoonlijkheidsstoornis

Erkende stabiele stoornissen binnen cluster 4

Pervasieve ontwikkelingsstoornis:

  • Autisme
  • PDD-NOS
  • Stoornis van Asperger
  • Stoornis van Rett
  • Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *