Cluster 1 onderwijs (blind, slechtziende kinderen)

Cluster 1 in het passend onderwijs bestaat uit scholen voor blinde of slechtziende kinderen. Onder andere Visio en Bartiméus hebben scholen opgericht om deze kinderen te voorzien van de juiste ondersteuning in het onderwijs. Visio is een organisatie die zich inzet voor blinden en slechtzienden. Visio doet veel onderzoek en u kunt bij hen dan ook terecht met alle vragen gerelateerd aan blind of slechtziend zijn. Visio heeft in het onderwijs de krachten gebundeld met Bartiméus. Deze expertiseorganisatie ondersteunt blinden en slechtzienden in het dagelijks leven.

Het doel van beide organisaties is om de levenskwaliteit van blinden en slechtzienden te verbeteren door professionele ondersteuning. Onderwijs is hierin onmisbaar en zo is VIVIS onderwijs ontstaan. Op dit moment worden ongeveer 3 duizend kinderen met een visuele beperking in de leeftijdscategorie 3 tot 20 jaar begeleid. 75 procent van deze kinderen zit op een reguliere school in het basis onderwijs, voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs en slechts 25 procent krijgt les in een speciale onderwijsinstelling in cluster 1 gericht op kinderen met een visuele beperking.

Het feit dat 75 procent van de kinderen geïntegreerd is in het reguliere onderwijs is een gevolg van dertig jaar intensieve beleid dat wordt gevoerd in cluster 1. Die zegt dat zoveel mogelijk kinderen op het reguliere onderwijs terecht moeten komen als hier voldoende begeleiding aanwezig is. VIVIS verzorgt om dit mogelijk te maken ondersteuning op maat voor scholen in cluster 1. Die ondersteuning bestaat voor een groot deel uit ambulante onderwijskundige begeleiding, advies, coaching en cursussen.

Waarom reguliere scholen?

VIVIS wil het liefst zoveel mogelijk kinderen met een visuele beperking een plek geven in het reguliere onderwijs om een aantal redenen. Allereerst groeit het kind dan op met leeftijdsgenoten waardoor een kind zich optimaal kan ontwikkelen. Daarnaast is het voor een kind belangrijk om naar dezelfde school te kunnen gaan als zijn broertjes, zusjes en vriendjes. Tevens leren kinderen in het reguliere onderwijs het beste om zelfstandig naar school te gaan.

Waarom speciale scholen?

Een kwart van de kinderen met een visuele beperking volgt een opleiding aan een speciale school in cluster 1. Deze scholen hebben meer aangepast lesmateriaal tot hun beschikking en de leraren hebben meer kennis over de beperking en hoe ze hiermee om moeten gaan. De kinderen die naar een speciale school in cluster 1 gaan hebben naast hun visuele beperking vaak ook andere beperkingen of problematiek. Denk hierbij aan een verstandelijke beperking, gedragsproblemen, motorische beperkingen of sociaal- emotionele problemen.

Kinderen met een visuele beperking op een speciale school leren van andere kinderen met dezelfde beperking om zich heen. Zo ervaren zij dat ze niet de enige zijn met een beperking en hoe anderen omgaan met hun beperking in het dagelijks leven.

Overstappen van speciaal naar regulier onderwijs

Kinderen met een visuele beperking hoeven niet hun gehele schoolcarrière in cluster 1 door te brengen. Sommige kinderen hebben tijdelijk behoefte aan extra begeleiding of ondersteuning en stromen daarna weer in op een reguliere school. De overstap kan makkelijk worden gemaakt aangezien de scholen in cluster 1 dezelfde kerndoelen nastreven als reguliere scholen en vaak ook gebruik maken van dezelfde onderwijsprogramma’s.

Verschil tussen reguliere scholen en speciale scholen

Het grootste verschil tussen scholen in cluster 1 en reguliere scholen is de hoeveelheid aandacht die wordt besteed aan de visuele beperking. Zo leren slechtziende kinderen met speciale methoden om hun visuele vermogen te vergroten en is er speciale aandacht voor zintuigelijke ontwikkeling, ontwikkeling van oriëntatie en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Net als op een reguliere school krijgen de kinderen vakken als rekenen, lezen, drama, muziek en lichamelijke opvoeding.

Voor kinderen met een visuele beperking is het belangrijk om te leren gaan met de digitalisering van de maatschappij. Zo leren zij door het gebruik van nieuwe media met elkaar en naar de buitenwereld te communiceren en leren ze hoe digitale apparaten kunnen helpen bij het uitvoeren van dagelijkse activiteiten.

Naar mate de kinderen ouder worden wordt er ook aandacht besteed aan het intreden van de arbeidsmarkt, het kiezen van een vervolgopleiding of de uitstroom naar de dagbesteding. Vooral kinderen op het speciaal voortgezet onderwijs in cluster 1 worden voorbereid op het leven na de opleiding.

Zorgbegeleiding

Naast begeleiding op school zorgen Bartiméus en Visio er ook voor dat kinderen met een visuele beperking zorg krijgen in de vorm van revalidatie aansluitend op de behoefte die hoort bij hun levensfase. Zo wordt er bij nul- tot vierjarigen vooral aandacht besteed aan het verkennen van de omgeving, het gebruik van hun zintuigen en het ontwikkelen van de motoriek.

Kinderen die naar de basisschool gaan krijgen hulp in het gebruik van hulpmiddelen en het vergroten van de mobiliteit. Daarnaast wordt er in deze leeftijdsfase aandacht besteed aan persoonlijke verzorging. Als de kinderen naar het voortgezet onderwijs gaan, vanaf 12 jaar, is de zorg vooral gericht op zelfstandigheid en sociale vaardigheden. Tevens worden deze kinderen in samenwerking met de school voorbereid van de overgang tussen school en de arbeidsmarkt.

Kinderen die meer behoefte hebben aan intensieve zorgbegeleiding kunnen in een woongroep verblijven van Bartiméus en Visio. Daar krijgen ze hulp bij het uitvoeren van hun dagelijkse activiteiten en kunnen ze terecht op de dagbesteding.

Aanmelden voor cluster 1

Als u als ouder of docent vermoed dat een kind een visuele beperking heeft kunt u het kind aanmelden bij Bartiméus of Visio. Na de aanmelding worden de medische gegevens van het kind opgevraagd en kunnen er aansluitende onderzoeken plaatsvinden om de visuele beperking in kaart te brengen. Deze onderzoeken kunnen psychologische onderzoeken, pedagogische onderzoeken en visuele functieonderzoeken zijn.

Aan de hand van de resultaten van deze onderzoeken beoordeelt de Commissie van onderzoek van de onderwijsinstelling waar het kind is aangemeld of het kind recht heeft op aanvullende begeleiding. Ook bekijkt deze commissie of het kind van een beter opleiding kan genieten op een speciale onderwijsinstelling voor kinderen met een visuele beperking. De beoordeling vindt plaats aan de hand van de toelatingscriteria die zijn vastgesteld voor cluster 1. De toelatingscriteria vind u op onze site.

Als de commissie besluit dat het kind inderdaad recht heeft op aanvullende begeleiding wordt in afstemming met de ouders het arrangement samengesteld. Dat gebeurt naar behoefte van het kind.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *